25/09 – DAG 19
Met een 6-tal mensen van de groep hebben we vandaag enkele fietsen gehuurd en naar Gran Caverna de Santo Tomás gefietst, een tochtje van zo'n 17 km. De rest reed er met een oldtimer naartoe. In totaal zou mijn ketting er ongeveer een 3-tal keer afvallen. Na een 4-tal km hebben we even een bezoekje gebracht aan Mural de la Prehistoria. Deze rotswand toont een 120 m lange schildering van Leovigildo González Morillo. 15 mensen hebben er sinds 1961 5 jaar lang aan gewerkt om het te voltooien. De enorme slang, dinosaurussen, zeemonsters en mensen symboliseren de evolutietheorie, en leefden in deze regio in de préhistorie.

De grotten van Santo Tomás zijn de moeite om te bezoeken. Ze zijn één van Cuba's uitgebreide grotcomplexen. Er zijn ongeveer 46 km gallerijen, verdeeld over 8 niveaus. Er is geen artificieel licht in de grotten zelf, wel krijgt iedereen zo'n mijnwerkershelm met lamp. Te bewonderen in de grotten: stalagmieten, stalagtieten, ondergrondse zwembaden, interessante rotsformaties, fossielen, vleermuizen, een replica van een oude inheemse indiaanse muurschildering.

De terugweg op onze gammele mountainbikes beloofde een stuk minder zwaar te worden, maar uiteindelijk zijn we niet van pech gespaard gebleven. Bij mij alleen al weer een viertal keer de ketting eraf, en ook een platte band. Op de koop toe begon het net op die moment serieus hard te regenen. Dan maar gelift, en niet veel later werden we al opgepikt door een camion met een tiental in-gele-regenjas-gehulde, zotte, zingende, dansende maar sympathieke houthakkers erop.
’s Avonds zijn we voor de verandering eens niet op verplaatsing iets gaan drinken, maar gewoon op de terrasjes voor onze casa’s. Bananenchips en cocktails: meer moet dat niet zijn.